VSO 4A

Kinderombudsvrouw

door Victor Stok

Een paar weken geleden kregen we het bericht dat de kinderombudsvrouw in klas 4a wil komen kijken. Ze wil de “Droombaan-film” zien en praten met de leerlingen.

Oké.. en nu? Hoe bereiden we dat voor? Hoe betrekken we de leerlingen in het proces.
Wat doet een kinderombudsvrouw eigenlijk? Opkomen voor kinderen, ze is bezig met kinderrechten? Welke zijn dat eigenlijk?

Dus op woensdag 3 oktober komen alle kinderrechten op tafel: recht op onderwijs, op gezondheid, op religie, op eigen keuze van vrienden, recht om beschermd te worden tegen oorlog, seksueel misbruik en uitbuiting enzovoorts.

Donderdagochtend 4 oktober, half 10. We zitten in de klas en een groep mensen loopt onze klas binnen. Drie onbekende dames en een onbekende heer, Janita en Ria en Robert van Abrona.
Meester Victor vraagt of de kinderombudsvrouw zich kort wil voorstellen. Zij doet dat. Ze vertelt dat ze mevrouw Kalverboer is en vraagt de leerlingen of die weten wat een kinderombudsvrouw doet. Woorden als “Kinderrechten”, “Kleding” en “gezondheid” worden genoemd. Oprecht verrast reageert de kinderombudsvrouw: Ja dat zijn de dingen waar zij zich mee bezig houdt.

Als er visite in klas 4a is, wil meester Victor dat de leerlingen zich kort voorstellen. Jezelf presenteren is een leerdoel. Het is spannend om je aan een vreemde voor te stellen, maar de leerlingen hebben het al vaker gedaan. Ze vertellen hun naam, leeftijd, woonplaats, hobby en waar ze stage lopen. Bij het laatste punt moeten ze meer vertellen dan alleen bv : De krachtfabriek. Ze moeten ook zeggen wat ze daar doen: computers demonteren.
Het gaat goed, de leerlingen denken eraan om de kinderombudsvrouw en haar collega’s goed aan te kijken en ze praten duidelijk. Er wordt een enkele vraag ter verduidelijking gesteld en er wordt verrast gekeken: Daar stage lopen? Kan dat?

Ria, Janita en Robert vertellen over het ontstaan van dit project. Hoe is de film tot stand gekomen?
Toevoegen graag
De kinderombudsvrouw en haar collega’s luisteren geïnteresseerd. Een van hen maakt veel aantekeningen. “Ik wil wel graag een stukje van de film zien.” Zegt de kinderombudsvrouw. Dat kan makkelijk, het is geen avondvullende voorstelling, het duurt ongeveer 7 minuten.
Ondanks dat diverse leerlingen de film al zeker een keer of 5 gezien hebben, wordt er met aandacht gekeken.
En meester Victor? Hij kijkt naar de delegatie. Hij ziet hen de informatie in zich opnemen, lachen, knikken.

Als de film klaar is gaan de leerlingen met de kinderombudsvrouw in gesprek. Er wordt door de kinderombudsvrouw een groot compliment uitgedeeld aan de leerlingen: “Wat zijn jullie goed met je toekomst bezig. Ik kom op veel middelbare scholen waar veel leerlingen zitten die helemaal niet zo met hun toekomst bezig zijn. “

Er worden ideeën voor later genoemd. Een leerlinge vertelt dat ze graag naar Spelderholt in Beekbergen wil. Daar kun je wonen, werken en leren.
Een andere leerlinge stelt voor: Ik wil later als ik werk wel vier dagen werken en één dag terug naar Meerklank om nog dingen bij te blijven leren.
Een volgende leerling: Ik weet dat dit mijn laatste schooljaar is, maar ik wil graag nog een jaar bij meester Victor blijven.
Er wordt kort over toelaatbaarheidsverklaringen en degelijke gesproken. Ingewikkeld, het zal vast nog terugkomen.
Weer een ander heeft een brief bij zich. Deze overhandigd ze aan de kinderombudsvrouw. “Niet nu voorlezen” zegt ze. De brief wordt dankbaar aangenomen en een mailadres voor antwoord wordt genoteerd.

Fijn om te ontdekken dat de kinderombudsvrouw van origine orthopedagoge is. Ze begrijpt de doelgroep, spreekt de leerlingen op een begrijpelijke en respectvolle manier aan. Echt als jong-volwassenen. Dat is een kunst, zij beheerst die.

Een warm applaus tot afscheid.
De kinderombudsvrouw vertelt dat ze de ideeën en vragen meeneemt in het overleg. Ter sprake komt dat niet alle wensen gehonoreerd worden, waarop een leerling zegt: Het is net als een verlanglijstje: je krijgt niet alles wat erop staat.

Daarna gaan ze in gesprek met ouders en collega’s/
De klas blijft achter. Er is koffie en wat lekkers. Er is vooral veel stilte. Het was indrukwekkend, het was intensief.
Wat hebben die kanjers zich goed gepresenteerd. We zijn trots op hen.